Centraal winternieuws van coördinator Peter van Gils

Mijn woord van het jaar? Coronacoördinator. Nietsvermoedend fris van start in januari. Wel een donkere wolk die huisvesting heet en wat vage berichten over een virus in China. Geruststellend ver weg. Last minute onderdak voor Taal aan Zee. Half maart het land op slot. Wij ook. Verhuizen vanuit een lege school naar een andere lege school, midden in een woestijn met kippen. Onszelf online uitvinden. Tien mensen passen prima in een 15-inch-beeldscherm! Thuis naar hartelust neuspeuteren, boeren, slurpen en smakken? Natuurlijk, maar liever niet in de online les of vergadering. Een digitale docentenkamer met 35 deelnemers waar zelfs de kippen buiten van opkeken. Vraag van de week elke week: mogen we nu wel open en waarom niet? Stap voor stap als nieuwe norm, soms ook achteruit. Voorzichtig weer beginnen in juli. Leuke zomerborrel! Voorzichtig. De zomer die volgt, verdient dat predikaat niet. Met zijn allen naar de coronacamping en op mijn strand is het drukker dan ooit. Ik zit hoog en droog in de Pyreneeën. Door in september, maar zonder ziel, verve en Schwung. Wat is een brouwerij zonder leven? Toetsen in oktober en december. En langzaam komt het weer op gang. Nieuwe inschrijvingen. Nieuwe groepen? Dat is voor januari. Eerst in behandeling voor mijn eucalyptushandgelverslaving. Een jaar geleden heette je handen stukwassen een obsessieve-compulsieve stoornis, nu is het officieel regeringsbeleid. Mijn nieuwe baard heet mondkapje. En alhoewel inmiddels specialist op de anderhalvemeterslalom, sla ik ook dit jaar de wintersport over. Eindspel: toren zet land schaakmat. Volgend jaar maar weer gewoon een kerstborrel doen?